Deel deze pagina:

De visie van ...

Rik van der Linden

Dit artikel verscheen eerder in het relatiemagazine van het Nederlands Jeugdinstituut.

Dordrecht is een van de zes gemeenten binnen het Collectief tegen Kindermishandeling. Hierbij werkt een groot aantal lokale partijen samen aan een betere aanpak van kindermishandeling. Rik van der Linden is de verantwoordelijk wethouder in Dordrecht. ‘Ik zie overal om me heen hoe belangrijk een veilige gezinssituatie is.’

Ik zie overal om me heen hoe belangrijk een veilige gezinssituatie is.

Waarom doet Dordrecht mee?

‘Sinds de transitie zijn veel partijen betrokken bij de aanpak van kindermishandeling, dus het is belangrijk om de aanpak en de samenwerking eens goed tegen het licht te houden. Zo’n collectief werkt daarbij motiverend. Ik ben benieuwd waar andere gemeenten tegenaan lopen en of we wat van elkaar kunnen leren.

In de Dordtse aanpak hebben we alle relevante partijen aan tafel gezet: gemeente, jeugdgezondheidszorg, jeugdteams, onderwijs, Veilig Thuis, Raad voor de Kinderbescherming en twee gecertificeerde instellingen. Op papier weet iedereen elkaar goed te vinden, maar in de praktijk zijn er toch gezinnen waar dingen gebeuren terwijl er meerdere hulpverleners rondlopen.

Met alle partijen bespreken we dan zo’n casus. Zo gaan we verder dan de mooie uitgangspunten en praten we over concrete situaties. Uiteindelijk moet dit ertoe leiden dat de partijen elkaar in de praktijk nog beter weten te vinden. En een aantal specifieke kwesties moet zijn uitgewerkt, zoals die van informatie-uitwisseling en privacy.’

Ieder kind gaat naar school, loopt door zijn wijk, heeft vriendjes en gaat voetballen. Daar is volop gelegenheid om signalen op te vangen.

Draait het allemaal om samenwerking?

‘Uiteindelijk wel. In Dordrecht hebben we sociale teams en jeugdteams. Die moeten goed met elkaar communiceren en elkaar aanvullen in de ondersteuning van de burger. Ook moeten de hulpverleners in deze teams Veilig Thuis goed weten te vinden. Je hoeft dan niet meteen in drang en dwang te denken, maar juist in ondersteuning. Een leerkracht kan zijn zorgen over een kind overleggen met Veilig Thuis, zonder dat het tot een formele melding leidt. Daarvoor moeten alle partijen in het Collectief elkaar goed kennen.

Tegelijkertijd zit daaromheen het hele voorveld, inclusief de sportverenigingen en ook ik als buurman. Daarmee moeten we betere verbindingen leggen. Ieder kind gaat naar school, loopt door zijn wijk, heeft vriendjes en gaat voetballen. Daar is volop gelegenheid om signalen op te vangen. Niet alleen hulp verleners, maar wij allemaal moeten ons hiervan bewust zijn. Dat is ook een van onze actiepunten: het normaliseren van het vragen om hulp.’

Wat is de rol van de gemeente?

‘Als gemeente kunnen we verbinden. Je kan constateren dat al die voorzieningen in de stad een bijdrage kunnen leveren aan de aanpak van kindermishandeling. Maar ik zie een zorgaanbieder niet zomaar zelf de verbinding leggen met de sportwereld. Daar heb je een gemeente voor nodig. Dat is voor ons ook een verandering. Gemeenten zijn heel sterk in het maken van beleid, maar misschien is er nu even genoeg beleid gemaakt. We moeten eerst zien hoe dit in de praktijk functioneert. Dat vraagt van ons een soort oliemannetjesfunctie.’

Als er vroeger ergens in het land iets ergs gebeurde met een kind, kwam de minister in beeld of iemand van de politie. Nu is dat de wethouder.

En uw eigen rol als wethouder?

‘De veranderingen hebben ontzettend veel gevolgen, het hele veld is opgeschud. Het is alsof we de winkel verbouwen terwijl de dienstverlening doorgaat. In de gemeenteraad hebben we daarom veel discussies over of we het goede doen. Ik ben als wethouder het eerste aanspreekpunt voor de raad. Ik realiseer me dat dit een bijzondere plek is.

Daarbij: als er vroeger ergens in het land iets ergs gebeurde met een kind, kwam de minister in beeld of iemand van de politie. Nu is dat de wethouder. Dat maakt dat het veel dichterbij komt en ook politiek gevoeliger is. Ik slaap nog steeds goed, maar ik weet dat zoiets ook in Dordrecht kan gebeuren. Ik wil echter dat alles wordt gedaan om escalatie te voorkomen. Ik wil dat Dordtse kinderen veilig kunnen opgroeien.’

Wat is uw persoonlijk betrokkenheid bij het thema jeugd?

‘Mijn vrouw en ik hebben vier kinderen, dus alleen al daarom ben ik elke dag met jeugd bezig. Ik zie ook om me heen hoe belangrijk een fijne en veilige gezinssituatie is. Iedere ouder wil het goed doen, maar niet iedere ouder heeft dat zelf helemaal in de vingers. Dan is het mooi dat je daarbij kan helpen. Interessant aan de plaatselijke politiek is dat het geen journaalwerk is, maar dat je het op straat ziet gebeuren. Of het nu gaat om jeugd, verkeer of duurzaamheid: je bent altijd met je eigen stad bezig.’

 

Geplaatst op 24-10-2016 door Lucinda van Ewijk interesting0 1171 1

1 Reacties

Geef een reactie

Stuur mij een email bij een nieuwe reactie.