Deel deze pagina:

Uit het SWING-project

11 veelbelovende initiatieven van start

Najaar 2015 zijn de SWING-projecten gestart. Met het stimuleringsprogramma SWING krijgt een aantal gecertificeerde instellingen de kans om veelbelovende projecten duurzaam verder te ontwikkelen.

Auteur: Hellen Kooijman

Duurzaamheid creëren door in beweging te blijven. Dat is het motto van SWING, een stimuleringsprogramma dat veelbelovende initiatieven en projecten in de jeugdbescherming en -reclassering ondersteunt bij verdere ontwikkeling en verdieping. Met als uiteindelijke doel: het veilig opgroeien van meer kinderen, zonder dwangmaatregelen. ‘Met SWING kunnen we zorgen dat al het goede dat in de afgelopen jaren in de jeugdbescherming en – reclassering is bereikt, niet stopt, maar dat de sector zich in die richting verder kan ontwikkelen en verbeteren’, zegt projectmanager Harry van den Bosch van het Nederlands Jeugdinstituut.

Uiteindelijke doel: het veilig opgroeien van meer kinderen, zonder dwangmaatregelen

Robuust plan

In het voorjaar van 2015 konden gecertificeerde instellingen in overleg met gemeenten projectvoorstellen indienen. Van den Bosch: ‘Wij zijn erg blij met de elf ingediende voorstellen. Als ze goed uitgevoerd worden, dragen ze bij aan de verbetering van de jeugdbescherming en jeugdreclassering. We weten dat er een risico is dat dit soort projecten niet oplevert wat je ervan verwacht. Dat heeft meestal niets te maken met de motivatie en inzet van professionals, maar met de mate van robuustheid van het plan. Daarom zochten we een kritische commissie van deskundigen, met specialisten op het gebied van effectieve jeugdhulp en onderzoek.’

Bij deze projectinitiatieven gaat het bovenal om doelgerichte, effectieve samenwerking

Drie niveaus

Voorzitter Huub Pijnenburg was verrast, zowel in positieve als negatieve zin, door de aard van de projectaanvragen. ‘Die waren deels echt innovatief en aansprekend geformuleerd, maar deels ook in kennelijke haast geschreven: nog niet optimaal helder, doordacht en onderbouwd.’ Pijnenburg is lector aan de Hogeschool Arnhem Nijmegen en expert op het gebied van effectieve jeugd- en opvoedhulp. Hij benadrukt dat het bij deze projectinitiatieven bovenal gaat om doelgerichte, effectieve samenwerking. Die samenwerking is er globaal genomen op drie niveaus, legt Pijnenburg uit. Op microniveau gaat het om samenwerking tussen professionals en cliënten en hun sociale netwerk. ‘Net als in het kader van vrijwillige hulpverlening is dat thema hier cruciaal. Zonder autoriteit en een goede alliantie met cliënten of cliëntvertegenwoordigers kan een professional in de praktijk weinig doen.’ Op mesoniveau gaat het om doelgerichte, effectieve samenwerking tussen professionals, instellingen en andere partijen zoals gemeenten. ‘Daar gaat het, zeker bij complexe problematiek, dikwijls mis.’ Tenslotte is ook de samenwerking tussen beleid, praktijk en onderzoekers belangwekkend.

Vakliteratuur?

Veel aanvragers hadden dit thema matig uitgewerkt. ‘Zeker wat betreft de samenwerking tussen de diverse partijen, dus op mesoniveau, behoefden ze nadere concretisering: hoe ziet die samenwerking eruit? Hoe hard is het commitment van alle partijen aan het project? Hoe gaan positieve resultaten geborgd worden?’

Een groot aantal projectaanvragers liet de vakliteratuur links liggen

Kanttekeningen maakt hij ook bij de onderbouwing van een aantal projectvoorstellen. ‘Een groot aantal projectaanvragers liet de vakliteratuur links liggen. Er werd in de voorstellen althans niet of nauwelijks aan gerefereerd. Ik miste bij veel projecten de theoretische onderbouwing die plausibel maakt dat de voorgestelde aanpak kans van slagen heeft.’

Van den Bosch is blij met het commentaar van de commissie: ‘Wij nemen de opmerkingen van de deskundigen mee in de begeleiding van de projecten. Dit vergroot de kans dat de resultaten die de projecten ambiëren ook daadwerkelijk gehaald gaan worden. Bovendien leert de sector hierdoor ook beter om concrete heldere projectvoorstellen te maken.’

Een of twee cursussen voor professionals geven geen gedragsverandering

De uitvoering van de gehonoreerde SWING-projecten loopt tot midden 2017. Maar daarmee staat er geen punt achter de verbetering. Het is de bedoeling dat de resultaten geïntegreerd worden in de dagelijkse werkwijze van professionals. Zowel Van den Bosch als Pijnenburg wijzen op het belang van deze langetermijndoelstelling van SWING. ‘Een of twee cursussen voor professionals geven geen gedragsverandering’, zegt Van den Bosch.

Klip en klaar

Kortom: de lat lag bijzonder hoog. Maar er liggen nu wel elf projectvoorstellen die voldoen aan de eisen. Voorstellen voor projecten die de cliënt als uitgangspunt nemen, de alliantie tussen professional en de cliënt goed in het vizier hebben en waarbij samenwerking op diverse niveaus als doel is gesteld. Voorstellen die helder van opzet zijn en die een nuttige verbreding voor ogen hebben zodat de uitkomsten ook toegepast kunnen worden in andere gemeenten en organisaties. Projecten die in de woorden van commissievoorzitter Pijnenburg ‘waarmaken wat ze pretenderen’. Dat ‘wat’ is voor hem klip en klaar. ‘Aan het einde van deze projectperiode of uiterlijk een jaar daarna moet duidelijk zijn dat er meer kinderen veilig opgroeien en dat we dit kunnen herleiden tot de SWING-projecten. Al onze inspanningen zijn enkel te rechtvaardigen als dat doel wordt bereikt.’

Wat dat betreft is er een cruciale taak weggelegd voor het Nederlands Jeugdinstituut. Pijnenburg: ‘Het bureausecretariaat heeft zijn werk in de beoordelingsfase zorgvuldig en betrokken gedaan. Maar ik ben me ervan bewust dat de grootste uitdaging nog moet komen: een strakke coaching van de gegunde projecten in de uitvoeringsfase. Dat is in de ogen van de beoordelingscommissie van vitaal belang.’

Wat is SWING?

  • SWING is een door het ministerie van Veiligheid en Justitie gefinancierd stimuleringsprogramma met als doel: het doorontwikkelen, versterken, verbreden en duurzaam borgen van vernieuwende methoden en werkwijzen in de jeugdbescherming en jeugdreclassering die daadwerkelijk resultaat boeken. De projecten die door het programma worden ondersteund, bouwen voort op succesvolle uitkomsten van de zogeheten Vliegwielprojecten.
  • In het kader van SWING zullen twee landelijke symposia georganiseerd worden. Er zijn diverse uitwisselingsbijeenkomsten en webinars en een prijsuitreiking voor gemeenten die op een goede of vernieuwende manier regie voeren over de jeugdbeschermingsketen.
  • De website www.nieuwejeugdbescherming.nl biedt informatie over de gehonoreerde projecten. Daarnaast dient de site om kennis uit te wisselen en achtergrondinformatie te geven over de jeugdbescherming, regelgeving en juridische aspecten.

Het Nederlands Jeugdinstituut verzorgt het programmamanagement van SWING, beheert de website en ondersteunt de gecertificeerde instellingen bij het in de praktijk brengen van de gehonoreerde projecten.

Dit zijn de projecten

  1. De stem van de cliënt, De jeugd- en gezinsbeschermers, Wiliam Schrikker Groep en beide cliëntraden.
  2. Signs of Success, Jeugdbescherming Noord, William Schrikker Groep.
  3. Pilot Burgervoogd, Jeugdbescherming Gelderland.
  4. Preventieve Jeugdbescherming (Signs of Safety), Jeugdbescherming Noord.
  5. Veiligheid in de lokale veiligheidsketen, Samen Veilig Midden Nederland.
  6. Samen optrekken in complexe echtscheidingen, De Jeugd- en Gezinsbeschermers (Noord-Holland).
  7. Safe Path, Bureau Jeugdzorg Limburg.
  8. Samen verder met SAVE, Samen Veilig Midden Nederland, Regiecentrum Bescherming en Veiligheid (Friesland).
  9. Wijkgerichte aanpak kindveiligheid, Bureau Jeugdzorg Noord-Brabant, William Schrikker Groep, Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering.
  10. Eén cliëntproces: tools voor samenwerking, Jeugdbescherming Overijssel, Jeugdbescherming Gelderland.
  11. Burgerkracht + GGW = Transformerend werken, Intervence (Zeeland).

 

Geplaatst op 4-11-2015 door Harry van den Bosch interesting4 1454 0

0 Reacties

Geef een reactie

Stuur mij een email bij een nieuwe reactie.